^Naar boven

  • 1 Jenever, jenever en nog eens jenever
    De jenevers die zijn geproefd op de eerste proeverij van het Purmerends Proefgenootschap in oktober 2011
  • 2 Gezelligheid alom!
    Een sfeerbeeld van een van de proeverijen in Proeflokaal Bakker op de Koemarkt te Purmerend.
  • 3 Een van de proeverijen
    Gedurende het winterseizoen vinden er bijna maandelijks proeverijen plaats op de derde woensdag van de maand.
  • 4 Whiskyproeverij
    De verschillende soorten whisky die zijn geproefd op de eerste whiskyproeverij van het Purmerends Proefgenootschap.
  • 5 De proefopstelling...
    Het zijn per proeverij maar kleine glaasjes en die worden maar voor een klein deel volgeschonken. Het gaat om de kwaliteit, niet de kwantiteit.


De volgende proeverij is gepland op:

De eerstvolgende proeverij is op woensdag 21 november 2018.

15 februari 2012: Port, port en nog eens port

Verslag van de zesde bijeenkomst van het Purmerends Proefgenootschap op woensdag 15 februari 2012 in Proeflokaal Bakker, Koemarkt 44 te Purmerend.

Het thema van de avond is port. Arthur en Corina Keyner van van slijterij-wijnkoperij Bijvoet te Purmerend verzorgen een uitgebreide presentatie en proeverij van portsoorten van het huis Krohn.

Na afloop wordt onder het genot van diverse portjes uitgebreid genoten van een aantal overheerlijke kaassoorten, ingekocht door Lida Finnema, uitbaatster van Proeflokaal Bakker.

Uitbater Paul Verhoeven heet de aanwezigen om 20.00 uur van harte welkom en geeft vervolgens het woord aan Arthur Keyner. Met behulp van een Powerpointpresentatie geven hij en zijn echtgenote een beeld van port in het algemeen en het porthuis Krohn in het bijzonder.

 

Aardig detail is dat het Portugese wijnhuis in 1865 door twee Noorse vishandelaren werd gesticht, Theodore Wiese en Dankert Krohn. Door de overname van de aandelen door Falcão Carneiro in 1937 (hij werkte al sinds 1910 voor Krohn) ontstond een origineel Portugees porthuis. Tot de dag van vandaag is het huis in eigendom van de familie Carneiro.

Historie

De naam port is afgeleid van de stad Porto. Port wordt sinds het begin van de 17e eeuw in Portugal gemaakt. De bereiding is ontstaan doordat Engeland in onvrede leefde met Frankrijk, dat toen al een groot wijnproducerend land was. Hierdoor ging men in andere streken op zoek naar wijn. Omdat de wijnen uit Portugal en Spanje de bootreis naar het eiland niet altijd even goed overleefden, werd er gezocht naar oplossingen hiervoor. Bij de port werd er aan het einde van de bereiding wat brandewijn toegevoegd. Pas aan het einde van de 18e eeuw ging men ertoe over de gisting te stoppen door toevoeging van wijnalcohol. Door deze ingreep behoudt port veel restsuiker en is daarom zoet.

Port of porto (Belgisch-Nederlands) is een versterkte wijn uit Portugal, met een alcoholgehalte tussen 18 en 20 procent. Het is een typische zoete rode, witte of rosé wijn, geserveerd als aperitief of als dessertwijn.

 

 

Dourovallei

De Dourovallei is gelegen aan de bovenloop van de rivier de Douro in het noordoosten van Portugal. Ze is ingedeeld in verschillende wijngaarden, die Quinta's heten. Elke Quinta heeft zijn eigen naam. .

De meeste ports (met uitzondering van de Single Quinta Vintage Port) worden verkregen door vermenging van ports die van verschillende Quinta's afkomstig zijn.

Slechts 26.000 hectare wijngaarden in de Dourovallei mogen ports produceren. Ze zijn terrasvormig aangelegd op de flanken van de vallei. Vaak worden de wijngaarden omringd door muurtjes. De muurtjes beslaan in totaal een lengte van 5000 kilometer, wat voor de UNESCO een reden was om de wijnstreek in 2001 tot werelderfgoed te bestempelen.

 

Druifvariëteiten

Bekende druifvariëteiten voor de aanmaak van port zijn: Touriga nacional, Touriga francesca, Tinta roriz, Tinta barroca, Tinta cão, Tinta francisca, Tinto Rouro, Bastardo, Donzelinho, Mourisco en de Malvasia fina (witte port).

Sinds de 19e eeuw wordt gebruikgemaakt van de mutage-techniek. Dit is een techniek waarbij door middel van toevoeging van extra alcohol het gistingsproces voortijdig gestopt wordt waardoor niet alle suikers in alcohol omgezet worden, zodat de zoete smaak van port ontstaat, en het alcoholgehalte dan tussen 18 en 20 procent zal liggen.

Er zijn aardig wat portsoorten te onderkennen. De meest gebruikte onderverdeling is de ruby, tawny, witte en sinds kort rosé port.

 

 

Ruby portsoorten

De Ruby port komt het meeste voor. Deze relatief jonge portsoort is twee tot drie jaar opgeslagen op het vat. Veelal zijn dit roestvaststalen tanks of betonnen bakken. In sommige gevallen is dit op eikenhouten vaten. Ruby port wordt geblend (samengesteld) door menging van druiven van meerdere druivensoorten, jaargangen en wijngaarden.

Kleur: robijnrood; Geur: rood en zwart fruit; Smaak: fruitig, jong; Serveren: iets koelen tot 12 graden Celsius; Drinken bij: zachte kazen, zoete nagerechten.

In Nederland en België wordt de ruby port ook als aperitief gedronken.

 

 

Late Bottled Vintage port (LBV)

De Late Bottled Vintage Port is een mengeling van ports van één enkel jaar. Ze rijpen tussen 4 en 6 jaar in eikenhouten vaten en worden dan gebotteld. De meeste zijn dan rijp om gedronken te worden. Het etiket moet altijd het oogstjaar en het jaar van botteling vermelden.

De Crusted Port bestaat uit een mengeling van ports van verschillende jaren die 3 à 4 jaar in vaten gerijpt hebben en die ongefilterd gebotteld worden waardoor er zich een bezinksel, de zogenaamde crust, vormt. De port moet net als de vintage port gedecanteerd worden voor hij voor consumptie geschikt is. Deze portsoort wordt ook wel de poor man´s vintage port genoemd.

 

Vintage port

Een vuistregel is dat drie maal in de tien jaar de oogst zo goed bevonden wordt en na proeverijen de wijn er zo uitspringt ten opzichte van andere jaren dat het jaar door de IVDP (Instituto dos Vinhos do Douro e do Porto) tot vintage portjaar verklaard wordt. Ieder porthuis is vrij om, ook in niet benoemde vintagejaren, port aan te bieden aan de IVDP om te laten testen. Wanneer deze aan de strenge kwalificaties voldoet kan het zijn dat dit porthuis voor deze wijn ook het label vintage port mag gebruiken. Veelal gaat het hier om een zogenaamde Single Quinta Vintage Port.

De vintage ports worden maximaal drie jaar in eikenhouten vaten bewaard. Ze worden dan zodanig gebotteld dat ze verder op fles kunnen rijpen en een depot/droesem vormen in de fles. Het is dan ook aan te bevelen om de port zo te decanteren dat het bezinksel achterblijft in de fles alvorens te serveren. Een typisch Portugees gebruik is om na het decanteren van een fles vintage port de fles weer te vullen met een beduidend minder rijke ruby port. Deze port zal op deze manier ook meer 'body' krijgen. Het etiket van de vintage port moet altijd het oogstjaar en het jaar van botteling vermelden. Het bijzondere karakter van vintage port vereist voorafgaand aan het drinken een zorgvuldige behandeling. De fles dient voor het openen minstens 24 uur rechtop te hebben gestaan om zeker te zijn dat het depot op de bodem van de fles is neergeslagen. Decanteren in een karaf dient een aantal uren voor consumptie te gebeuren waarbij een hoeveelheid van één tot twee glazen in de fles moet achterblijven om zeker te zijn dat geen depot met de wijn meekomt. Hierbij kan onderstaande tabel als handvat worden gebruikt:

een port van 7 jaar of minder: 10 - 12 uur van tevoren decanteren,
een port van 8 - 15 jaar oud : 8 - 10 uur van tevoren decanteren,
een port van 16 - 25 jaar oud: 6 - 8 uur van tevoren decanteren,
een port van 26 - 35 jaar oud: 4 - 6 uur van tevoren decanteren,
een port van 36 - 45 jaar oud: 3 - 5 uur van tevoren decanteren,
een port van 46 - 60 jaar oud: 2 - 3 uur van tevoren decanteren,
een port van 60 jaar oud: 1 - 3 uur van tevoren decanteren.
 
 

De drinktemperatuur is circa 18 °C. Vanwege het relatief lage tanninegehalte van vintage port oxideert deze relatief snel. In de praktijk betekent dit dat vintage port binnen 48 uur gedronken dient te worden, waarna de kwaliteit merkbaar minder wordt.

Omdat vintage port zeer lang bewaard kan worden, kan het voorkomen dat de kurk in zeer slechte staat verkeert. Om toch de port goed open te kunnen maken is er een methode ontwikkeld met behulp van een zogenaamde porttang. De tang wordt verhit totdat deze roodgloeiend is. Vervolgens wordt de tang enige tijd om de hals (onder de kurk) geklemd om deze hals vervolgens te koelen met een zeer koude natte doek. De hals breekt dan op de plaats van de verhitting.

 

Single Quinta Vintage Port

De Single Quinta Vintage Port. Dit is een vintage port die van één enkele wijngaard afkomstig is. De naam van de wijngaard moet op de fles vermeld staan. Deze Single Quinta Vintage Ports kunnen in jaren voorkomen die niet als vintage-jaren gezien worden. Wanneer een producent meent dat zijn Quinta een port van uitzonderlijke kwaliteit geleverd heeft, kan hij deze voorleggen aan het IVP (=Instituto do Vinho do Porto) dat dan al dan niet het vintage label zal toekennen. Ook hier vermeldt het etiket het oogstjaar en het jaar van botteling.

 

Tawny portsoorten

De Tawny Port is genoemd naar de taankleur, die ontstaat doordat de wijn meerdere jaren op vat rijpt, zodat hij iets kan oxideren. Dit is een mengeling (= een blend) van port(o')s van verschillende oogstjaren, maar heeft als voornaamste kenmerk dat hij meerdere jaren in vaten gerijpt heeft, wat zijn typische tawny kleur geeft. Helaas wordt er in de goedkopere klasse tawny port veel gerommeld om de juiste kleur of geur te krijgen. Zo wordt nogal eens de rode en witte port samen gemengd.

Bij de Aged Tawny staat op de fles het aantal jaren (10, 20, 30, 40 jaar) dat de port in vaten gerijpt heeft, waardoor de typische tawny-kleur ontstaat. Omdat het hier om een mengeling van ports gaat, is de leeftijd die op de fles aangegeven is, de gemiddelde leeftijd van de blend.

De Colheitaport. Deze port bestaat uit de oogst van één enkel jaar. Hij moet minstens zeven jaar in een houten vat gerijpt hebben. Hij is tawny van kleur en is onmiddellijk op dronk (=klaar om gedronken te worden). Het oogstjaar en het aantal jaren dat de port in het vat gerijpt heeft worden op de fles vermeld.

 

 

Garrafeiraport

De Garrafeiraport is eveneens een mengeling van ports van één enkel jaar. Deze Garrafeira wordt wel eens de brug tussen de tawny en de vintage genoemd. Na een korte rijpingsperiode in houten vaten worden ze overgebracht in grote glazen vaten waarin ze gedurende 20, 30 tot 40 jaar traag verder rijpen. In de loop der jaren wordt er een bezinksel gevormd dat decanteren nodig maakt voordat de port voor consumptie in flessen van 75 cc overgegoten worden. Hierna rijpt de port verder in de fles.

 

Witte port

Witte port wordt in tegenstelling tot sommige wijnen alleen gemaakt van witte druiven. Ook witte port wordt een drietal jaren gerijpt op het vat.

Kleur: strogeel; Geur: exotisch fruit; Smaak: fruitig; Serveren: 8-12 graden Celsius; Drinken bij: als aperitief, bij amandelen.

Witte port wordt in Portugal vaak gedronken als een mix 1/3 witte port, 2/3 tonic met een schijfje citroen.

 

Rosé port

Op 21 mei 2009 heeft de Portugese ministerraad een wet aangenomen die rosé port ook erkent als officiële portsoort. In 2008 kwam Croft met de Pink port op de markt, inmiddels opgevolgd door andere portshippers.

 

Culinair

Port wordt ook in vele sauzen en gerechten verwerkt, zoals meloen met port, tournedos met port, stoofpeertjes in port, stilton met port, enzovoort.

Copyright © 2011-2016 Purmerends Proefgenootschap